Op 14 november 09 vierde het Netwerk Scenarioschrijvers zijn vijftiende verjaardag in het arctitektonisch zeer geslaagde oud-KNSM-gebouw Loods 6 op een steenworp afstand van de boot aan de Borneokade waar scenarioschrijfster Marciel Witteman intussen haar vijftigste verjaardag vierde, wat voor een enkele schrijver enig pendelen met zich mee bracht.

De Netwerkbijeenkomst werd geopend met een feestrede van de door hernia geplaagde voorzitter Paul Jan Nelissen, wat hem niet verhinderde enige waarschuwende woorden te spreken over de toekomst van de scenarioschrijvers.

Helaas had het feestcomité besloten om de daarop volgende discussie (onder altijd enthousiaste leiding van Paul Ruven) niet te laten gaan over PJ’s behartenswaardige woorden, – voornamelijk de relatie tussen speelfilmregisseur en scriptschrijver werd er onderzocht. Een schrijver moest vooral vanuit een sterk persoonlijk motief opereren in zijn of haar dienst aan de regisseur, luidde de conclusie. Het (brood)schrijven voor televisie (waarmee toch de meeste leden hun geld verdienen) kwam niet aan de orde. En alleen Ger Beukenkamp pleitte voor het idee dat scenarioschrijven toch ook een gewoon vak was, dat je zonder al te persoonlijk engagement zou kunnen beoefenen. We kunnen hiertoe nog kortweg verwijzen naar de strekking van het boek “Kill Your Darlings” dat kennelijk nog niet tot alle sprekers was doorgedrongen.

***SOLIDAIR***

Interessant was dat Paul Jan in zijn rede [Zie de Volledige Tekst elders op deze site] waarschuwt dat het Auteursrecht, waar schrijvers voor hun inkomen afhankelijk van zijn, ‘onder toenemende druk komt te staan’. Wat voor toenemende druk? Hij wijst op een gevaarlijke ontwikkeling: uitgerekend de Raad van Bestuur van de Publieke Omroep wil af van de collectieve vertegenwoordiging (er aan voorbijgaand dat ze zelf vele collectieven vertegenwoordigen), nee, het gaat om het Netwerk of Lira, want die vinden ze maar lastig. Kabelrechten e.d. zouden via de omroep en producent individueel afgerekend moeten worden met de elke schrijver apart.

Maar Paul Jan wijst er op dat dat idioot is: producent en schrijver hebben in principe tegengestelde belangen. Bovendien zegt hij: ik maak zelf wel uit door wie ik me laat vertegenwoordigen. Hij pleit juist voor collectieve regelingen, waarbij schrijvers zich laten vertegenwoordigen door instellingen als de LIRA.

Daarmee dringt zich de vraag op hoe solidair de scenarioschrijvers eigenlijk zijn als de nood aan de man komt. Want dat zou betekenen dat het lidmaatschap van bijvoorbeeld Netwerk gekoppeld werd aan de verplichting alleen te werken met een modelcontract met minimumeisen die je met producent mag sluiten. Wie is daartoe bereid? Dat zou nou nog een aardige vraag geweest bij dit vijftienjarig bestaan om te bediscussieren. Kan het Netwerk dan niet beter een schrijversvakbond worden?

Want: “Het Netwerk heeft niet de wettelijke status van een vakbond, wij kunnen onze leden niet dwingend solidariteit opleggen,” sprak Paul Jan.” En hij riep namens het bestuur op ‘de gezamenlijkheid’ van de leden in stand te houden en “te bevechten wat nodig is om ons ook in de komende jaren verder te ontwikkelen.” Gezien de ervaringen van afgelopen jaar met bijvoorbeeld het Commissariaat van de Media, dat het Netwerk ook al verbood om minimumtarieven voor schrijfwerk te hanteren, is er nog veel te doen.

Geplaatst op 6 december 2009 om 17:04.
Print dit bericht